Königsschlösser Marathon (Füssen-Duitsland) #177
- jan.delaender
- 24 uur geleden
- 6 minuten om te lezen
Toen ik in het voorjaar op zoek was om een jaarprogramma samen te stellen kwam ik een marathon tegen die op 25 juli in Füssen gelopen zou worden. Het leek me wel wat om daar een vakantieweek aan te koppelen maar dat plan verdween naar de achtergrond tot Zjan enkele weken geleden in de weekendkrant een artikel las over het stadje Füssen en mij vroeg of dat niet iets voor ons zou zijn. Ik vertelde haar dat ik de marathon daar had overwogen en ze ging direct akkoord als we onze fietsen konden meenemen om daar wat tochtjes te maken. Dat die marathon maar drie weken na de Mollenmarathon komt schrikt me even af maar ik deed het vroeger al enkele keren. Als ik in die drie weken niet te veel loop-hooi op mijn vork neem zal het wel lukken.
Ik schrijf in en boek een appartementje in het dorpje Schwangau kort bij Füssen. Op donderdagavond zet ik de fietsen op de drager en op vrijdag om 7u 's morgens vertrekken we. Volgens de routeplanner zouden de 730 km in goed zeven uur moeten lukken maar enkele korte pauzes en vooral door de vele wegenwerken duurt het toch negen uur. Dank zij de gefilmde instructies van de verhuurster kunnen we perfect parkeren en de sleutels uit het kastje halen. We gaan binnen en ontdekken een volledig uitgerust appartementje. Blijkbaar is het huis heel recent uitgebreid, gerenoveerd en op energetisch vlak helemaal up-to-date gemaakt. Het is modern maar heeft toch nog wat typisch Beierense accenten. We installeren ons wat en ik haal de fietsen van de drager.

We rijden de twee kilometer naar het centrum van Füssen. Ik moet wat zoeken maar vind toch al snel het pleintje waar de borstnummers worden uitgedeeld. Ik krijg nummer 415 en zie dat er zo’n 750 deelnemers zijn voor de hele marathon.
De marathonlopers starten om 7.30u en de andere afstanden worden in de namiddag afgewerkt. We drinken op een terras een Duits biertje en dan rijden we terug naar ons verblijf voor een meegebrachte pastamaaltijd en een eerste nacht in een heerlijk bed.
Om 5.30u sta ik op om te ontbijten en mij klaar te maken. Ik doe een singlet aan maar daarover ook een shirt met lange mouwen want het is nog fris zo vroeg. Zjan staat ook op en we rijden met de fiets naar de startplaats. Ik leg mijn fiets vast aan een paal en ga dan naar de startzone. Zjan gaat voor de startlijn klaar staan om een foto te maken van mijn start. Als alle lopers vertrokken zijn zal zij achterna komen met haar fiets.
![]() | ![]() |
We verlaten het centrum via een hoofdweg, draaien links een secundaire weg op en na een drietal kilometer gaan we een gravelpad op. Daar haalt Zjan mij in. Ze heeft zich door de groep van de traagste lopers gelaveerd zonder iemand te hinderen. Het is al warm geworden en ik doe het shirt met lange mouwen uit en Zjan stopt het in haar fietstas. Soms kan ik kort babbelen met andere lopers, onder andere met een Zuid-Afrikaanse vader en zoon. Ik praat ook even met een man die het shirt van de marathon van Lanzarote aan heeft en met een Deen die een shirt van de Deense 100-marathonclub draagt.
50% van het parcours gaat over asfalt en de andere helft over gravelpaden maar die zijn heel goed beloopbaar. Heel af en toe moet ik wat opletten voor uitstekende stenen maar ik kom nergens in de problemen. Het is overwegend vlak en het decor waarin we lopen is echt schitterend. Er zijn stukken waar we twee keer komen en er zijn stukken die we in twee richtingen moeten lopen. Zo komt de koploper ons ergens voorbij gelopen, vooraf gegaan door een fietser die de baan vrij maakt voor hem. De eerste helft verloopt naar en rond de Hopfersee. Daarna moeten we richting de Forgensee en daarvoor moeten we een hoogte over. Bijna al de 82 hoogtemeters zitten daar gecomprimeerd. Het is behoorlijk steil en ik, en niet alleen ik, moet even stappen. Daar passeren we het halfwegpunt. Ik zit aan 2:26 u, dus nog ruimschoots binnen mijn zevenminutenschema. Op de oever van de Forgensee moeten we een viertal kilometer heen en weer terug. In het heen-stuk kruisen we de snellere lopers en in het terug-stuk zien we de nog tragere lopers. Bij de tragere lopers stel ik een mentaliteit vast die ik de “solidariteit van de taffeleirs” wil noemen. Ik kan me niet voorstellen dat tussen de koplopers aanmoedigingen worden uitgewisseld maar dat is bij mijn soortgenoten schering en inslag.
Ik haal in dat heen-stuk een man in met lang grijs haar en een volle grijze baard. Ik vermoed in hem een concurrent in mijn categorie en dus vraag ik naar zijn ‘alt-klasse”. Hij blijkt maar 65 te zijn, dus geen concurrent. In het terug-stuk kruisen we mekaar en ik krijg een aanmoediging van hem. Het oeverpad loopt langs een watersportclub en daar staat iemand die Zjan wil tegenhouden want er mag daar niet gefietst worden. Ze draagt een fluohesje en wanneer ze zegt dat ze deel uitmaakt van de marathon mag ze doorrijden. Twee jonge kerels halen mij in en gaan mij voorbij maar even verder haal ik hen weer in als ze even stappen. Er ontstaat een gesprek. Ze debuteren beiden en zijn dan ook vol bewondering voor mijn leeftijd en palmares. Wanneer ik weer even bij hen ben zeg ik dat ze onder 5 uur kunnen eindigen als ze onder zeven minuten per kilometer blijven. Dat is ook hun plan zegt één van hen. Even later haal ik hen weer eens in en dan moet ik zeggen dat de sub-5 er niet meer in zit. Ook voor mij wordt het duidelijk dat de enkele minuten reserve die ik lang had helemaal opgesoupeerd zijn. Voor de jongens is dat blijkbaar genoeg om helemaal stil te vallen. Ik zie ze niet meer terug.

Na de Forgensee komen we vlak bij het centrum en daar kruisen we de rivier Lech. We lopen even richting onze verblijfplaats maar verlaten de grote weg voor een rondje Schwansee. Zjan denkt dat het een heel kort stukje is en zegt dat ze even halt houdt en daarna terug zal aanpikken. De ronde telt evenwel vier kilometer en ze heeft spijt want ze vindt dat ze mij in de steek heeft gelaten. Ik vind het helemaal niet erg, integendeel, ik ben heel blij met haar gezelschap en haar aanmoedigingen.
Na het rondje om het meer lopen we terug naar het centrum en in dat stuk kan ik vaststellen dat er nog heel wat deelnemers achter mij zullen finishen. In de laatste kilometer moeten we van de oever van de Lech omhoog naar het centrum en dat is best steil. Ik moet stappen en daarmee is het zeker dat ik boven de vijf uur zal finishen.
Zjan is vooruit gefietst en staat klaar voor de finishfoto. Ik druk mijn chrono af op 5:02:34. Dat het iets meer dan 5 uur werd is een beetje spijtig maar het is wel de beste tijd van de vier marathons van dit jaar. Ik krijg de medaille en kan een biertje pakken. Ik ontvoer er ook één voor Zjan. In het deelnemerspakket zat een bon voor een pasta bij de aankomst. Ik haal die en we eten dat samen op.
![]() | ![]() |
We fietsen naar “huis” voor een rustpauze en een douche met veel koud water op mijn benen. Al snel kan ik via het internet naar de uitslag surfen. Van de 750 ingeschreven deelnemers komen er 608 in de uitslag. Ik ben de 524ste en, hoera!, weer 1ste in de categorie M75. Ik was blijkbaar nog maar eens de oudste deelnemer. Na de pauze fietsen we terug naar het centrum om op een terras te genieten van een heerlijke Zuid-Italiaanse visschotel. Terwijl we daar zitten zien we de deelnemers aan de halve marathon twee keer passeren, één keer vlak nadat ze gestart zijn en later zien we ze veel meer gespreid doorkomen vlak voor ze aankomen.
In de drie volgende dagen bezoeken we uiteraard de kastelen van Neuschwanstein en Hochschwangau en wandelen en fietsen we veel in de prachtige omgeving.
Op woensdag rijden we vlot naar huis, erg tevreden over deze uitstap; huisvesting, marathon, activiteiten, eten en drinken, …, allemaal top!







Opmerkingen