• JMT Mol

Tallinn Marathon (Estland) - 147

Door Clem Mertens


Omdat de marathons en de bijhorende citytrips in Riga (Letland) en Vilnius (Litouwen) zo goed zijn meegevallen de voorbije jaren, vond mijn vrouw vorig jaar dat we ook de derde Baltische hoofdstad moesten aandoen. Daar wordt ook een marathon georganiseerd en nog wel in hetzelfde weekend als die van Litouwen, begin september dus. Dat komt redelijk goed uit in onze planning en ik schrijf me in, boek een appartementje kort bij start en aankomst en koop vliegtuigtickets van Lufthansa.


Net als ik de trainingsarbeid wat wil verhogen krijg ik pijn in mijn rechter bovenbeen tijdens een lange duurloop op 1 augustus. In 1987 kreeg ik een scheurtje daar en nog veel jaren daarna was dat altijd het eerste plekje waar het ging pijn doen bij lange afstanden. 10 dagen later komt het weer opzetten nadat ik 10 kilometer van mijn zondagloop heb afgewerkt. Ik moet zelfs een stuk gaan stappen omdat de pijn te fel is geworden. Ik vraag dus maar een afspraak bij Dieter, de kinesist-osteopaat. De dag voor ik bij hem terecht kan forceer ik mijn rug weer eens bij het zagen van een boomstam. Hij kan meteen twee kwalen gaan bestrijden. Op 20 augustus, drie behandelingen later, probeer ik weer te lopen. Dat gaat maar ik voel dat mijn conditie heel pover is. Gelukkig hebben we nog een week vakantie gepland waarin we met onze kleinzonen aan de Zwarte Zee zullen vertoeven. Ik plan daar flink wat trainingen. 24 augustus vertrek ik daar ’s morgens al vroeg. Heel snel komt dezelfde pijn weer opzetten. Ik twijfel wat ik moet doen: doorlopen en pijn verbijten of terugkeren. Ik loop door en na enkele kilometer wordt het draaglijk. Dat doe ik in de volgende dagen nog vier keer. Eén keer stop ik al na twee kilometer omdat de pijn niet te harden is. De andere keren geraak ik verder maar steeds is het eerste half uur erg pijnlijk. Ook als ik niet loop komt de pijn soms fel opzetten. Na onze terugkeer uit vakantie vraag ik om meer behandeling. Het wordt nu wel heel kritisch: de marathon is maar een week verwijderd. Wat moet ik doen: niet lopen in de hoop dat de kwaal beter wordt maar met een zeer povere conditie de marathon aanvangen, of toch meer lopen om wat conditie op te bouwen maar met het risico dat de pijn blijft? Op de dinsdagtraining bij de club loop ik met flink wat pijn in het eerste kwartier en aan een bedroevend laag tempo. Woensdag behandelt Dieter die pees heel intensief. Het voelt nu iets beter maar het is niet helemaal weg. Niet de hele pees doet nog pijn maar het puntje van de vroegere kwetsuur blijft pijnlijk aanvoelen, ook als ik niet loop.


Donderdag vertrekken we met de auto naar Diegem. We hebben een park-sleep-fly-formule geboekt. We overnachten er en op vrijdag brengt de shuttledienst van het hotel ons al vroeg naar de luchthaven. We vliegen met Lufthansa naar Tallinn met een tussenlanding in Frankfurt. Rond de middag landen we in Tallinn en we rijden met de tram naar het centrum. We moeten nog een kwartiertje wandelen van de tramhalte naar ons appartement waarbij we voor de eerste keer door de Viru stadspoort moeten waar zondag de aankomst zal zijn. Via mail en telefonisch hebben we een code gekregen van het elektrische slot van de voordeur. In de inkomhal hangen kleine kastjes met een cijferslot en van ééntje hebben we ook de code gekregen. Daar halen we de sleutel van ons appartement uit en we kunnen direct binnen in onze verblijfplaats op de eerste verdieping. We hebben een inkomhal, een zithoek, een volledige keuken, een slaapkamer en een badkamer met sauna. Het is allemaal wat verouderd maar de inrichting, de oppervlakte en vooral de ligging zijn heel goed.

We pakken uit en dan wandelen we naar de expo voor mijn starterspakket. Daarvoor moeten we slechts 300 m stappen naar het “Freedo Square”. Ik test mijn chip even, haal een heel mooi T-shirt op en krijg nog een pak pasta mee. Die gaat misschien nog van pas komen nu we een eigen keuken hebben.

De namiddag gebruiken we om het oude stadscentrum te verkennen waar ook de start- en aankomst zullen plaats vinden. We gaan eten, drinken nog iets als we ‘thuis’ zijn en dan op tijd naar bed want het was erg vroeg opstaan deze morgen.

De zaterdag gebruiken we om nog meer te bezoeken in de oude stad en we verkennen ook een heel mooie buurt waar oude industriële panden werden gerenoveerd of vervangen door schitterende nieuwe gebouwen. Natuurlijk gaan we ook binnen in het architectuurmuseum dat gehuisvest is in een oude zoutloods. Ondertussen heb ik vastgesteld dat ik geen spullen voor mijn traditioneel ontbijt heb meegebracht en dat ik ook geen dextrosetabletten bij heb. Hoe slordig! In een warenhuisje vind ik iets wat op mijn honeypops lijkt maar dan zonder de honey. Aan het plein bij het oude stadhuis is een apotheek gebouwd in 1422 die nog steeds in gebruik is. De apotheker van dienst is gelukkig heel wat jonger. Ik vraag of hij dextrose verkoopt en hij vraagt waarvoor dat moet dienen. Hij adviseert glucosetabletten want glucose word sneller in de bloedbaan opgenomen dan dextrose. Ik koop dus twee rolletjes glucosetabletten. Vlak bij ons appartement eten we pasta. Gezien de omvang van de schotels bestel ik er onmiddellijk een tweede tot de verbazing van de serveerster. Ik zet de wekker op 6 u en slaap snel in.

Ik word af en toe wakker door de nervositeit maar heb uiteindelijk toch het wekkersignaal nodig om helemaal wakker te worden. Ik eet mijn ontbijt, ga naar het toilet en kruip terug in bed voor nog anderhalf uur slaap. Daarna trek in mijn klaar liggende loopspullen aan. Ik neem preventief een Dafalgan en neem er ook één mee voor als het onderweg pijnlijk zou worden. Ik wandel samen met Zjan naar de start. Daarvoor moeten we zowat 600 m stappen. Dat doen we in een groot gezelschap want iedereen verzamelde eerst aan het plein waar de expo was om dan gezamenlijk naar de start te stappen.



Het opstellen van de 2 300 lopers gaat vlot, het Ests gezelschap is mooi!

Er wordt afgeteld, dat denk ik toch want ik versta er niets van. 9:00 u: we vertrekken en na 53 seconden passeer ik de startmat.


Ik doe dat heel rustig, voortdurend lettend op signalen uit mijn rechter dij. Door dat rustige tempo word ik veel voorbij gelopen maar dat trek ik me niet aan. Ik blijf netjes onder 6 minuten per kilometer en als ik dat zou kunnen aanhouden zal ik heel blij zijn.

We verlaten snel het centrum van de stad. Het parcours gaat langs rustige wegen, door parken, door de zoo, langs de zeeoevers en door wat voorstedelijke woonwijken. Er zijn weinig echte hellingen en redelijk veel bevoorradingen met water en sportdrank. Af en toe voel ik iets in die rechter dij maar ik besluit om voorlopig die tweede pijnstiller niet in te nemen. Even wissel ik wat woorden met een Deen die ook op landenjacht is. Hij zit aan 20 verschillende. Ook een Franstalige Belg maakt even contact. Hij komt uit Doornik, is nog heel jong en aan zijn derde marathon toe. Hij loopt van mij weg maar dat had hij beter niet gedaan. Hij zal 12 minuten na mij aankomen. Ik passer het halfwegpunt na 2:03:54. Dat is veelbelovend als die dij het houdt. Dat blijkt ook te gaan lukken. Ik heb in de eerste helft heel wat lopers moeten laten voorgaan maar nu gaat het omgekeerd. Ik ben als 1 037ste over de startmat gegaan en passeer na 21.1 km in 1 473ste positie. De pijn blijft weg en met 2:08:15 ben ik maar een viertal minuten vertraagd in tweede helft. Bovendien schuif ik 144 plaatsen op in die tweede helft.



Het laatste stukje is op kasseien maar dat voel ik niet. Ik ben heel erg blij dat ik ondanks de kwetsuur en het bijhorende gebrek aan training dit toch heb kunnen afmaken.

Ik finish na 4:12:10 dus nog netjes onder 6 minuten per kilometer. Daarmee word ik 1 329ste op de 2 291 mensen aan de start. Bij de categorie +65 stonden er 34 aan de start en ik ben nummer 12 aan de aankomst.



Toen ik vrijdagavond buiten voor ons appartement stond te kijken naar de wedstrijd over 5 kilometer, kwam daar tussen al die kinderen een loper voorbij die heel wat ouder was. Hij viel ongelofelijk hard op want hij droeg een volledige ananas op zijn kaal geschoren hoofd.

Na 28 kilometer in de marathon komt diezelfde kerel mij rustig voorbij gelopen. Nog vijf kilometer verder haal ik hem weer in en hij zal kort na mij aankomen.


Op maandag zijn Zjan en ik op stap in de stad en wie komen we daar tegen: de man met de ananas en weer draagt hij die op zijn hoofd, nu met de medaille er in gedrapeerd. Ik heb, net als hij, het marathonshirt aan. We stoppen en maken kennis. Ik zeg hem dat ik hem gisteren heb geklopt. Hij herkent mij ook zegt hij. Hij moest gisteren vertragen, vertelt hij, omdat zijn ribben pijn begonnen doen omdat hij zich vertild had. Hij loopt op veel verschillende plaatsen in de wereld, altijd met die ananas op zijn hoofd. Hij is aanhanger van de Kabala, een Joods geïnspireerde filosofie en levenswijze waar ook Madonna volgeling van is.Die ananas is symbool voor zijn zoektocht naar evenwicht in het leven. Wat een merkwaardige ontmoeting en die is volgens hem geen toeval. Opzoekwerk via het internet achteraf levert zijn naam op. Hij heet Moshe Leiderman.



’s Avonds eten we de pasta die in het startpakket zat. We hebben de keuken in ons appartement dus ook gebruikt. Op dinsdag ruimen we wat op, pakken onze bagage weer in en vertrekken met de tram naar de luchthaven. Via Frankfurt vliegen we naar Brussel, we halen de auto op en rijden naar huis. Ik geef de twee nieuwe landen op die ik dit jaar aan mijn lijstje kon toevoegen bij de Country Marathon Club en ik stijg meteen een tiental plaatsen in de rangschikking.


Ik heb thuis af en toe wel last van die dij. Bij bepaalde bewegingen of houdingen komt die vervelende pijn weer opzetten. Ik wacht tot vrijdag om een herstelloopje te doen. Vrijwel onmiddellijk na de start begint die rechter dij pijn te doen. Er is dus niets veranderd?! 20 à 25 minuten blijft dat pijn doen en dan zakt dat weer weg. Ik vind het heel vervelend maar blijf ongelofelijk blij dat het vorige zondag pijnloos is verlopen. Is dat de Dafalgan geweest of is Dieter toch een tovenaar?

0 keer bekeken